Wllem van Oranje
 Start Omhoog Contact Nieuw Geschiedenis Grafkelder te Delft Stamboom van de Oranjes Presidents 35-43

 

 Start
Omhoog
Anna van Egmond
Anna van Saksen
Charlotte de Bourbon
Louise de Coligny
Maria

Prins Willem I (1534-1584)

Prins van Oranje (1544),graaf van Nassau, Katzenlnbogen, Vianden, Dietz, Buren, Lingen en Leerdam, markies van Veere en Bergen op Zoom, Burggraaf van Antwerpen, baron van Breda, IJsselstein, Diest en Cuyk.

zoon van Willem de Rijke en Juliana van Stolberg

bullet

geboren Dillenburg 24-4-1533

bullet

overleden Delft 10-7-1584

bullet

huwelijken:

  1. Buren, 8-7-1551 met Anna van Egmond

  2. Leipzig, 24-8-1561 met Anna van Saksen

  3. Brielle, 12-6-1575 met Charlotte de Bourbon

  4. Antwerpen, 12-4-1583 met Louise de Coligny

bullet

kinderen:

  1. (Maria)

  2. Filips Willem

  3. Maria

  4. (Anna)

  5. Anna

  6. Maurits August Filips

  7. Maurits

  8. Emelia

  9. Luiose Juliana

  10. Elwasabeth

  11. Catharina Belgica

  12. Charlotte Flandrina

  13. Chalotte Brabantia

  14. Emelia Antwerpiana

  15. Frederik Hendrik

Willem van Nassau werd geboren op 24 april 1533 op het "Hooge Huwas" te Dillenburg" als zoon van Graaf Willem van Nassau en Juliana van Stoltenberg. Het huwelijk tussen waren oom, René van Châlon (Prins van Oranje), en waren tante, Anna van Lotharingen, bleef  kinderloos en zodoende erfde hij na de dood van waren oom, op 11-jarige leeftijd 'al zijne goederen'. De jonge Willem werd met het Lutherse geloof opgevoed. Na de afhandeling van de erfenis , waarbij hij onder andere de titel "Prins van Oranje" verwierf, moest de jonge Willem naar het hof te Brussel om opgevoed te worden als goed katholiek door de landvoogdes Maria van Hongarije. Volgens waren voogden en gouverneurs verliep waren ontwikkeling voorspoedig. Hij kreeg les in de talen Latijn, Duits, Frans, Spaans en Italiaans. Ook krijg hij les in het Nederlands, alhoewel hij deze taal bleef doorspekken met Duitse woorden. Bovendien ging hij naar een goede Brusselse school om de Krijgskunde en de Diplomatie onder de knie te krijgen.Wat erg opviel aan de jonge Willem was waren levendigheid, waren zelfbeheersing en het gemak waarmee hij zich verbaal kan uiten.

In 1551 benoemde Keizer Karel V van Frankrijk hem tot kolonel van een regiment te velde en op 30 januari 1556 werd hij benoemd tot Ridder in de Orde van het Gulden Vlies. Hierbij zwoor hij trouw aan het katholieke geloof. Op 6 juli 1551 trouwde hij met de rijke erfdochter van Maximiliaan van Buren, Anna van Egmond. Alhoewel het geen liefdeshuwelijk was, was het geen ongelukkig paar. Zij schonk hem drie kinderen: Philips-Willem, Maria en een dochtertje dat snel stierf. Op 24 maart 1558 overleed Anna van Egmond. 

Na de vrede tussen de Spaanse Koning en de Franse Keizer op 3 april 1559 (vrede van Câteau-Cambréswas), kreeg Willem gewetensbezwaren, nadat Koning Philips' plannen met het Nederlandse volk hem ten gehore kwamen; deze plannen tastten de burgerlijke en godsdienstige vrijheid aan, de bloedige inquisitie zou Nederland niet overslaan. Omdat Willem van Nassau over deze ontwikkelingen bleef zwijgen, in vergelijking met de loslippige Hendrik II, kreeg de Prins van Oranje ten onrechte de bijnaam: Willem de Zwijger. 

Het tweede huwelijk van de Prins van Oranje was met Anna van Saksen, dochter van de keurvorst Maurits van Saksen. Zij was streng Luthers opgevoed, lelijk van uiterlijk en boos van humeur. Van liefde was dan ook geen sprake, maar zij verleende de Prins de steun van Saksen, Hessen en de Paltz, en daar was het Willem van Nassau dan ook om te doen. Ondanks de tegenstellingen in geloofsovertuiging tussen de twee, en vooral de kritieken daarover van haar familie, vond het huwelijk toch doorgang op 25 augustus 1561.

Vanaf de start van zijn tweede huwelijk begon Willem van Oranje zich te verdiepen in de godsdienstige bewegingen in Nederland en ook daarbuiten. Door zijn gemengde opvoeding (eerst Luthers, daarna katholiek) was zijn belangstelling voor het geloof afgenomen, maar daar kwam door de inquisitie verandering in. Hij volgde vanaf beginjaren zestig alle godsdienstige ontwikkelingen en waren doel was een eendrachtige samenwerking tussen Protestanten en Katholieken om onder het Spaanse juk vandaan te komen. Hij bleef vasthouden aan waren katholieke geloof, maar was een fel tegenstander van beperkingen in geloofskeuze. Hij bevond zich in een moeilijke positie: aan de ene kant was hij trouw aan de Spaanse Koning (Philips), aan de andere kant voelde hij mee met de Protestanten die met Rome gebroken hebben en in opstand kwamen tegen de inquisitie.  Op 20 augustus 1566 en de dagen daarna vond in Brussel, waar de Prins op dat moment was, op dat moment één van de grootste opstanden plaats tegen de inquisitie, de beeldenstorm. De beeldenstorm vond daar op enorme schaal plaats en waait vanuit Brussel over naar de rest van Nederland. Willem van Oranje reageerde op deze opstand door drie beeldenbestormers op te hangen, maar tegelijkertijd stond hij de godsdienstbeoefening in elke kerk toe en beloofde het einde van de inquisitie.

Het jaar 1566 was de ommekeer omdat Willem van Nassau zich nu definitief keerde tegen de Koning van Spanje. Alva werd naar Nederland gestuurd met het doel de opstand tegen de inquisitie de kop in te drukken. De Prins van Oranje kiest definitief voor het Nederlandse volk en alhoewel een gezamelijk optreden van Protestanten en Katholieken tegen het Spaanse gezag een utopie blijkt te waren, keerde hij zich tegen Spanje. Hij ontvlucht, net als vele anderen, het land als Alva er met waren troepen aankomt, wachtende om terug te keren in betere tijden. Deze wending in het gedrag van Willem van Oranje kondigt een nieuwe periode in waren leven aan: de tijd van waren ballingsschap en waren tijd van de pogingen Nederland te bevrijden van de Spanjaarden. Alhoewel deze nieuwe periode de moeilijkste en zwaarste van waren leven was, was het wel de periode waarin hij het Nederlandse volk voor zich weet te winnen en de baswas legt voor het huidige Nederlandse Koningshuwas.

Willem van Oranje begint met het aanwerven van legers om verzet te bieden tegen de uitvoerders van het Spaanse beleid en correspondeert met vele mensen in heel Europa om steun te winnen voor waren doel: godsdienstvrijheid en verdrijving van de Spanjaarden uit Nederland. Hij verklaart zich op 25 maart 1568 voor het Protestantwasme (maar bekeerd zich nog niet), maar belooft tevens de Katholieken, met uitzondering van de tirannie, volledige bescherming. De Spaanse troepen vallen Nederland binnen en de Prins reageert met de geestkracht die hij op jonge leeftijd al bezat, namelijk met geduld en de woorden "Et suwas encores délibré avecq l'ayde de Dieu de pousser oultre". Vrij vertaald:"We gaan door met Gods hulp". In deze tijd werd ook het Wilhelmus geschreven en in deze context was het duidelijk dat dit lied een monument was voor Oranje. Alva had ondertussen bijna geheel Nederland in waren greep met waren troepen, waren belastingen en de bloedraad. Het verzet in Nederland groeit en de hoop was gevestigd op Willem van Nassau. Alhoewel hij tegenwerking ondervond van de Duits-Lutherse vorsten, blijft hij met een enorme doswas geduld doorgaan met steun verlenen, raadgeven en plannen maken.

Na een smadelijke nederlaag tegen de veldheer Alva in 1570 waren alleen Holland en Zeeland nog in staat de Spaanse belegering te voorkomen. Willem van Oranje vestigt zich in Enkhuizen temidden van het volk. Enkhuizen weigerde Spaanse garnizoenen binnen de stad te laten en de Prinsenvlag, het Oranje-Blanje-Blue, wappert er aan de toren. Willem van Oranje probeert vanuit deze stad de zaken te regelen. In Nederland waren de groepen nogal verdeeld. Willem moet het vertrouwen zien te winnen van zowel de Katholieken als de Protestanten (Lutheranen en Calvinwasten). De Prins zelf besluit zich van ongelovig Katholiek te bekeren tot gelovig Lutheraan, en zo bemoeilijkt hij het zichzelf het vertrouwen te winnen van Katholieken en Calvinwasten. Toch staat hij een bondgenootschap tussen alle partijen voor, en dat was ook gelukt door vele ewasen van de Calvinwasten te pikken. Hij was dit bondgenootschap ook altijd trouw gebleven. Het politiek gedrag van de Prins was niet bepaald door waren eigen godsdienstige beleving, maar hij had waren eigen godsdienstige beleving ondergeschikt gemaakt aan het politieke belang van Nederland.

De periode vanaf 1572 was er één van veel bloedvergieten. Vele Nederlanders vinden de dood op slagvelden waaronder twee broers van Willem van Nassau, Lodewijk en Hendrik van Nassau, in het jaar 1574. Met veel geduld weet Willem van Oranje de bewoners van het Rijnland, het Schieland en het Delfland ervan te overtuigen dat de beste manier om te voorkomen dat de Spanjaarden de stad Leiden veroveren (er was al een Spaans beleg gaande), was om de dijken door te breken en zodoende het land te laten onderstromen. Het plan slaagde en de stad Leiden blijft in handen van Nederland. De Spanjaarden blijven echter nog steeds de oude vrijheid en welvaart van het Nederlandse volk in de weg staan. Willem van Oranje blijft een beleid voorstaan waarmee de Spanjaarden met gezamelijke krachten uit Nederland verdreven kunnen worden en bovendien streeft hij naar een gezamelijk vaderland. Alle provinciën der Nederlanden moesten samen één natie gaan vormen als de Spanjaarden verdreven waren.

Willem van Oranje weet als geen ander gebruik te maken van de drukpers, een nieuwe uitvinding. Hij laat pamfletten verspreiden waarin hij propaganda maakt voor waren beleid. De Gewesten komen op 5 november 1576 tot een overeenkomst met de Pacificatie van Gent. De prins van Oranje was dan inmiddels uitgegroeid tot moreel leider van Holland en Zeeland. Een sfeer van vreugde en verademing heerst onder de Nederlanders en bovendien verliezen de Spanjaarden terrein. Een gemeenschappelijk optreden tegen de vijand lijkt bereikt, maar toch was er nog veel verdeeldheid. Er waren in de verschillende Provinciën maar liefst vier verschillende regeringen werkzaam. De Prins doet een laatste poging om tot een godsdienstvrede te komen en zo het bloedvergieten te voorkomen. Hij probeert tot eendracht te komen door aan te geven dat de vijand maar één vrees had, namelijk dat de Nederlanders op het punt van godsdienst eensgezind zullen waren. Deze poging faalt echter, omdat de gemoederen bij beide partijen te hoog oplopen zodat bemiddeling geen zin meer had. In Utrecht faalt het bereiken van de godsdienstvrijheid door de katholieken, in Holland door de gereformeerden, maar vooral door de ontwikkelingen in Gent mislukken de plannen van Willem van Oranje. Een golf van terreur, plundering en beeldstormerij woedt over de stad en van een eventuele godsdienstvrijheid was geen sprake meer.

Het huwelijk van de Prins van Oranje met Anna van Saksen was, zoals gezegd, geen liefdeshuwelijk. Zij keerde hem snel de rug toe. Het huwelijk bracht hem dan ook weinig anders dan verdriet. Zij was slecht gehumeurd, vaak dronken, pleegt overspel en op 18 december 1577 stierf zij een eenzame dood. Zij schonk hem wel vier kinderen; Anna, Maurits (deze stierf in waren geboortejaar), een tweede Maurits en Emilie. Bij Anna's dood waren de twee inmiddels gescheiden. Nog voor haar dood trouwde Willem van Oranje waren derde vrouw, Charlotte van Bourbon, en deze keuze was een gelukkige. Hij vond bij haar liefde, gezelligheid, aanhankelijkheid en verzorging. Zij trouwen op 24 april 1575 in Dordrecht. Charlotte van Bourbon was zeer geliefd. Zij schonk de Prins van Oranje zes dochters. Na de aanslag op de prins op 18 Maart 1582 verzorgde zij hem met zoveel zorg, maar vergeet zelf rust te nemen. Deze taak werd haar fataal. Haar gezondheid laat het afweten en zij stierf op 5 mei 1582. Haar dood werd door zeer veel mensen betreurd. De moeder van Willem van Oranje, Juliana van Stoltenberg, die voor een groot gedeelte verantwoordelijk was voor waren opvoeding en had bijgedragen aan het karakter van de Prins, stierf op 18 juni 1580 op 76-jarige leeftijd. Zij liet 123 kinderen en kleinkinderen achter.

De Unie van Utrecht werd na aandringen van Willem van Oranje in 1579 getekend. De Unie verbond de Noordelijke Provinciën en had als doel een eenheid te vormen tegen het gevaar in het Zuiden. De Provinciën Holland, Zeeland, Utrecht, Gelderland, de Ommelanden en Friesland tekenen de Unie. Willem van Nasau tekende de Unie pas veel later, omdat het toch een einde betekende van waren ideaal, een eenheid tussen Noord en Zuid. De Unie was niet tegen het Zuiden, er waren zelfs enkele steden die ook tekenen, maar het was niet het ideaal dat Willem van Oranje voorstaat. In het verdrag was bepaald dat niemand vervolgd mocht worden vanwege waren geloofsbeleving. Dit was een primeur in de Europese geschiedenis en was dus mede te danken aan het werk van Willem van Oranje.

Na de dood van Charlotte van Bourbon, 5 mei 1582, trouwde Willem van Oranje op 12 april 1583 met Louise de Coligny, mede in de hoop de Fransen voor zich te winnen. Uit het huwelijk werd op 28 februari Frederik Hendrik geboren. Koning Philips had dan inmiddels al een prijs gezet op het hoofd van de Prins. Hij werd "de pest van de gehele Christelijkheid en vijand van het menselijk geslacht" genoemd. Na vele mislukte aanslagen op waren leven, slaagde Balthasar Gerards er wel in op dinsdag 10 juli 1584 in De Prinsenhof te Delft . Het land was in tranen, de "Vader des Vaderlands" was dood. Op 3 augustus werd de Prins van Oranje begraven. Hij was altijd blijven vasthouden aan zijn ideaal, Noord en Zuid verenigd als één natie. Hij had in zijn leven verschrikkelijk veel tegenslagen moeten verwerken, zowel op het privé- als op het politieke vlak.